Witgestreepte waaierslak (Flabellina lineata)

Algemene informatie

Laatst bijgewerkt: 08 sep 2015 - 09:09

Grijswit, uiteinden rhinoforen en papillen met witte vlekken. Midden op de rug een witte lengtestreep, vertakt in de tentakels. Ook op papillen 1-2 witte strepen. Papilinhoud donkerbruin, oranje, roze. Pluimvormige, forse slak. Papillen in 4-8 groepen aan zijkanten van de rug. Midden van de rug kaal. Rhinoforen met kleine wratjes. Eisnoeren als witte draad met hangende u-vormige lussen, gewonden om het voedsel. Vooral in Oosterschelde, ook in Westerschelde en Noordzee. Alleen bekend van de Europese westkust. Noorse kust, Zweden, via de Britse Eilanden tot aan de westelijke Middellandse Zee. Eerste Nederlandse waarneming 1954 (aangespoeld bij Den Helder). In 1970 tientallen exemplaren op een boei 60 km ten westen van Petten. In 2011 en 2012 aangetroffen op de Doggersbank en uit de Westerschelde. Vanaf 1999 in de Oosterschelde nabij Burghsluis aanwezig. Vanaf 2010 werd ook elders in de centrale en westelijke Oosterschelde.

Lengte (mm)

30

Voedsel

Penneschaft (Tubularia indivisia)
Witgestreepte waaierslak
Witgestreepte waaierslak
Eieren
Witgestreepte waaierslak
Voedsel: Penneschaft
Witgestreepte waaierslak
Waarnemingen per jaar
Totaal waarnemingen
Locaties