Witgezoomde knuppelslak

Amphorina linensis Garcia-Gomez, Cervera & Garcia, 1990

Amphorina linensis
Witgezoomde knuppelslak © Peter H. van BRAGT
Amphorina linensis
Eikapsel © Peter H. van BRAGT
Hydropoliepen
Hydropoliepen © Peter H. van BRAGT

Lengte

Max. ca. 23 mm.

Synoniemen

Eubranchus linensis

Karakteristieke kenmerken

In aantal variabel, witte pigmentpuntjes langs de rand van de voet en op de staart. Soms zijn deze witte puntjes nagenoeg geheel afwezig. Grote gezwollen cerata boven op de rug en kleinere, minder gezwollen cerata op de zijkanten van het lichaam. Geen scherp begrensde kleine bruine pigmentpuntjes op cerata en lichaam. Uiteinden cerata zijn vaak, niet altijd, opvallend ingesnoerd.

Te verwarren met

De slakken en hun eiersnoeren zijn te verwarren met alle andere, zeer variabele soorten van het Bleke knuppelslak-complex: zie onderstaande opmerking.

Andere kenmerken

Behoort tot de orde Nudibranchia: de echte naaktkieuwige zeenaaktslakken. Lengte tot ruim 20 mm. Top en basis van de gladde rhinoforen zijn iets dikker dan het middelste deel. Het lichaam is breder dan de voet. Korte kale staart. De voorrand van de voet is iets breder met brede afgeronde hoeken. De lengte van de rhinoforen is ongeveer 2x de lengte van de gladde koptentakels. Gladde cerata staan in tot elf of meer slecht herkenbare gepaarde clusters. Met, voor het midden van de rug, per zijde, maximaal zes cerata per cluster. De cnidosacs in de uiteinden van de cerata zijn niet zichtbaar.

Kleur

Zeer gevarieerd: In aantal variabel, witte pigmentvlekjes langs de rand van de voet en op de staart. Soms zijn deze witte puntjes nagenoeg geheel afwezig. Lichaam semitransparant wit tot grijzig. De smalle bruine band op het midden van de rhinoforen is soms vaag tot zelfs afwezig. Vaak met heel veel witte pigmentvlekjes over het gehele lichaam en de cerata. Uiterste punten van de koptentakels en rhinoforen semitransparant, daaronder veel wit pigment. Op de rug, vanaf de rhinoforen tot op de staart, variabele oranje tot bloedrode pigmentvlekken, soms ook samen met bruin pigment. Deze vlekken kunnen ook op de zijkanten van het lichaam en soms op de basis van de rhinoforen aanwezig zijn. De oranje pigmentering is soms afwezig. Lichtgeelbruine tot -groenbruine vertakkingen van de middendarmklier in semitransparante cerata. Er zijn meerdere kleurvariëteiten van deze soort die hier niet worden beschreven.

Eieren

Wit, kort en plat lint dat, vastgehecht op de zijkant, gevarieerd en ongestructureerd gekruld, meestal op de prooi wordt afgezet. Met tot ca. 1.000 embryo’s per eiersnoer. Soms heel dun, slechts één eierlaag dik, maar kan ook dikker zijn. Bij verse eiersnoeren zijn de embryo’s mogelijk gerangschikt in transversale rijen. Waarschijnlijk zijn ze niet te onderscheiden van de eiersnoeren van alle andere soorten uit het Bleke knuppelslak-complex. Alleen eiersnoeren die bij met zekerheid gedetermineerde dieren zijn aangetroffen mogen als behorende tot deze soort worden geregistreerd. Alle andere waarnemingen van eiersnoeren kunnen worden geregistreerd als behorende tot het Bleke knuppelslak-complex.

Prooi

Hydropoliepen, Hydrozoa: grotere soorten struikvormige hydropoliepen, o.a. Lange zeedraad, Obelia longissima en waarschijnlijk ook andere soorten Obelia en Laomedea.

Endo- en Ectoparasieten

Er zijn nog geen bevestigde, geregistreerde Nederlandse waarnemingen bekend van ecto- of endoparasitaire copepoda, op of in deze soort.

Opmerking

De soort is pas in 1990 door de wetenschap beschreven als een afsplitsing van de Gezwollen knuppelslak Amphorina farrani. Deze publicatie is in Nederland pas in 2016 voor het eerst gelezen, waarna de soort meteen aan de Nederlandse faunalijst is toegevoegd. De oudste Nederlandse waarnemingen uit fotoarchieven zijn tot nu toe van juni 1999 in de oosterschelde.
Er is nog maar weinig bekend van de ecologie, het gedrag en de eiersnoeren van deze soort. Veel historische waarnemingen van grote knuppelslakken Fionoidea zijn mogelijk van deze recent beschreven soort. oude en nieuwe waarnemingen van exemplaren en eiersnoeren waarvan niet met zekerheid kan worden vastgesteld welke specifieke soort het betreft, kunnen onder de naam Bleke knuppelslak-complex geregistreerd worden: het bevat de Driekleurige- Eubranchus tricolor, Bleke- Amphorina pallidus, Gezwollen- A. farrani, Witgezoomde knuppelslak A. linensis. En A andra die nog niet met zekerheid in Nederlandse kustwateren aangetroffen is. 

Seizoenstrend

Deze soort wordt in Nederland jaarlijks en kan gedurende het gehele jaar waargenomen worden. Met de meeste waarnemingen van slakken en eiersnoeren in de zomer en het najaar.

Verspreiding in Nederland

Vanaf tenminste juni, 1999 in Nederland aangetroffen, maar waarschijnlijk al veel langer hier aanwezig. Voorlopig vooral bekend uit de centrale en westelijke Oosterschelde en Grevelingenmeer. Mogelijk ook in de Westerschelde, Noordzee en Waddenzee. Niet bekend van het Veerse Meer en Haringvliet of aangespoeld op de Noordzeestranden.

Europa

Noorwegen, Zweden, Denemarken, Groot-Brittannië, Ierland, Nederland, Frankrijk, Spanje, Portugal en de Middellandse Zee.